Huizenmarkt blijft in mineur

De verlaging van de overdrachtsbelasting heeft slechts een beperkt effect gehad op de huizenprijzen in het derde kwartaal 2011. Het aantal transacties lag weliswaar vier procent hoger, maar de gemiddelde prijzen daalden.
Het blijft somberheid troef op de huizenmarkt, blijkt uit donderdag gepubliceerde cijfers van makelaarsvereniging NVM. Dankzij de verlaging van de overdrachtsbelasting kende de huizenmarkt in juli een opleving, maar die stijging heeft zich in de maanden daarna niet voortgezet. Het aantal verkopen lag vier procent hoger dan in dezelfde periode in 2010, maar dat kwartaal was eerder door de NVM betiteld als een ronduit slecht kwartaal. De NVM had eerder nog voorspeld dat het aantal transacties door de verlaging van de overdrachtsbelasting met tien procent zou stijging. De makelaarsvereniging is dan ook ‘teleurgesteld.’

Onzekere consument mijdt huizenmarkt in derde kwartaal

NVM-voorzitter Ger Hukker zegt in een reactie op de cijfers dat consumenten onzeker zijn geworden, met name door alle berichten over de schuldencrisis in Europa. “Consumenten lezen dagelijks in de krant dat het slecht gaat met de economie en stellen de aankoop van een huis soms liever even uit.” Dit betekent zeker niet dat de verlaging van de overdrachtsbelasting geen effect heeft, aldus Hukker: “Zonder deze broodnodige maatregel was de markt verder in mineur geraakt. Daarnaast heeft de belastingverlaging allerlei positieve neveneffecten. De maatregel is bijvoorbeeld goed voor het verbeteren van de arbeidsmobiliteit doordat mensen met een nieuwe baan minder barrières hebben om te verhuizen. En bovendien voorkomt de maatregel dat consumenten zich nog dieper in de schulden moeten steken om de aankoop van een huis te financieren.”

Huizenmarkt derde kwartaal 2011: verkopen vielen mee

Hukker wijst er op dat het derde kwartaal altijd al slechter is dan het tweede kwartaal, omdat de vakantieperiode in het derde kwartaal valt. Gemiddeld liggen de verkopen in het derde kwartaal 4,8 procent lager. In het derde kwartaal van 2011 lagen de verkopen ‘slechts’ 0,4 procent lager. “Dat maakte het afgelopen kwartaal qua aantal verkopen een goed kwartaal, aldus de NVM.” Vooral vrijstaande woningen en appartementen werden beter verkocht. Voor twee-onder-een-kapwoningen was aanzienlijk minder belangstelling dan in voorgaande kwartalen.

Huizenprijzen derde kwartaal: prijsdaling zet door

Ook met de huizenprijzen zelf ging het niet goed. De aanhoudende prijsdaling heeft zich ook in het derde kwartaal van 2011 voortgezet. De gemiddelde verkoopprijs daalde met 1,1 procent in vergelijking met een jaar geleden. Hoekwoningen en appartementen daalden het sterkst in prijs.

De gemiddelde prijs van de verkochte woningen ligt nu 2,1% lager dan een jaar geleden. In het tweede kwartaal van 2011 lagen ook al twee procent lager dan in hetzelfde kwartaal een jaar geleden. Gemiddeld wisselde een woning in het derde kwartaal van 2011 voor 231.000 euro van eigenaar. Mede omdat het aantal te koop staande woningen opnieuw gestegen is naar circa 217.000 woningen (bijna 25.000 woningen meer dan een jaar geleden) stelt Hukker dat veel verkopers nog een te hoge vraagprijs hanteren. “”In deze markt is geen plaats voor dromers, maar voor realisten. Omdat de concurrentie, vanwege het grote aanbod, tussen verkopers groot is worden te hoog geprijsde woningen niet bekeken en niet verkocht. Kopers kopen met de handrem erop. Daarnaast is ook de leencapaciteit door de verscherpte regels van de banken afgenomen. Andere oorzaken waarom kopers minder uitbundig kopen, is de druk op het besteedbaar inkomen, de stijgende zorgpremies, de gemeentelijke lasten en het feit dat energielasten toenemen. Daarnaast houden ze rekening met de voorgenomen bezuinigingen van het kabinet en gaan consumenten meer reserveren voor de oude dag. Tenslotte zie je dat huizenbezitters merken dat door de slechte prestaties op de beurs de spaarresultaten in de beleggingspolissen tegenvallen. Al met al moet je concluderen dat dit weliswaar een kopersmarkt is, maar dat kopers met de handrem erop onderhandelen ”

Uit de cijfers van de NVM blijkt dat het verschil tussen de laatste vraagprijs en de transactieprijs in het afgelopen kwartaal 4,9 procent. En tussen de oorspronkelijke vraagprijs en de uiteindelijke verkoopprijs zit zelfs een gat van gemiddeld 7,2 procent.

Huizenmarkt derde kwartaal: vraagprijs te hoog

Het feit dat veel woningen nog te hoog geprijsd in de markt staan, blijkt ook uit de cijfers over het verschil tussen de laatste vraagprijs en transactieprijs. Dit verschil bedraagt het afgelopen kwartaal 4,9%. De transactieprijs gaf gemiddeld 7,2% toe op de oorspronkelijke vraagprijs, een toename in vergelijking met het tweede kwartaal 2011. Hoe langer een woning te koop staat, hoe groter het verschil. Woningen die meer dan drie jaar te koop hebben gestaan en uiteindelijk toch verkocht worden, leggen uiteindelijk bijna 21% toe op de oorspronkelijke vraagprijs. En dan nog wordt slechts een op de dertig van deze woningen verkocht.

Deel dit met anderen!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.